donderdag 8 februari 2018

KETTERS VAN DE KEMMELBERG

historische jeugdroman (december 2017)



IJS

misdaadroman voor volwassenen (2016)



KINDER- EN JEUGDBOEKEN

maatschappelijk engagement in vlotte verhalen



GENT-WEVELGEM 75

wielerboek i.s.m. Rik Vanwalleghem en Rudy Neve



TEKSTEN VOOR THEATER

REDACTIEWERK

UIT MIJN HOOFD

eigenzinnige columns en blogposts



BIO



FOTO'S

opdat ik ze niet zou vergeten of verliezen





dinsdag 23 januari 2018

Vive le geus!

In de meeste van mijn (jeugd)boeken is er een soundtrack: muziek die past bij de sfeer van het boek of favoriete popsongs van de personages. Meestal begeleidt die muziek mij tijdens het schrijfproces en klinken de nummers als een mantra als ik mij aan mijn laptop zet voor een nieuw hoofdstuk.
De personages uit Ketters van de Kemmelberg konden bezwaarlijk een nummer van Bruce Spingsteen, Wim De Craene of Bob Marley neuriën als ze op beeldenstorm gingen. En zijn liefde voor Jenne kon 16de-eeuwer Walram moeilijk uitbazuinen met een melige popsong van Abba of Bryan Adams.
Als een spielerei smokkelde ik wel Geike Arnaert in het verhaal, maar dat is alleen omdat haar naam zo goed paste en zij uit Westouter-in-het-Westkwartier afkomstig is.

Maar meer dan voor alle andere boeken is er een heuse titelsong bij dit boek. 'Vive le geus' roepen de ketters als ze zichzelf moed inspreken bij een nieuwe plundering of zuivering van een kerk. 'Vive le geus' roepen de ketters om hun angst voor de inquisitie te bezweren. 'Vive le geus' roepen de ketters om hun twijfel omwille van het geweld voor een nieuw geloof te overwinnen. 'Vive le geus' is ook de strijdkreet van de bende geuzen bij wie Walram zich aangesloten heeft.
'Vive le geus' was ook de titel van de geuzensuite die de BRT in 1988 uitbracht. Het is een mooie compilatie van historische geuzenliederen waar het kruim van de Vlaamse folkmuzikanten aan meewerkte.
In 'Slaat op den trommele' herken je de stemmen van Wannes van de Velde en Paul Rans.
Meezingen mag!

Slaat op den trommele!




vrijdag 22 december 2017

Recensie bij NDB Biblion

NBD Biblion publiceert recensies van nieuwe boeken. Die recensies dienen als aanschafinformatie voor de openbare bibliotheken in Nederland. Blij dat 'Ketters van de Kemmelberg' ook boven de Moerdijk werd opgemerkt!

De recensie is van René Delleman.

Vlaanderen en dan met name de Zuid-Westhoek in de tweede helft van de 16e eeuw. De opkomst van het calvinisme, de geuzen die de katholieke kerk(en) letterlijk aanvallen vanwege misbruik en diefstal. De Beeldenstorm. De inquisitie. Het is tegen deze historische achtergrond dat we lezen over Walram, een jongeman met religieuze inslag uit een arm gezin. Hij raakt begeesterd door de hageprekers, maar als hij zich eenmaal heeft aangesloten bij de beeldenstormers en met eigen ogen ziet tot wat voor geweld en moordzucht godsdienstfanatisme kan leiden, voelt hij weerzin en wil hij er afstand van nemen. Maar dat is onmogelijk in een wereld waar de sociale controle groot is. 

De personages (de meeste verzonnen maar sommige hebben werkelijk bestaan) zijn niet echt uitgewerkt. Ze staan in dienst van het verhaal. Maar dat verhaal zit erg goed in elkaar en wordt met vaart verteld. Zo krijgt een stukje geschiedenis een (bedenkelijk) gezicht. Dat de auteur Vlaams is, laat zich merken in het gebruik van woorden die niet alledaags Nederlands zijn. Een charmant extraatje voor de taalgevoelige lezer.

Ketters van de Kemmelberg / Koen D'haene. - Erembodegem: Scriptomanen, 2017. - 246 p. - isbn 978 94 6266 269 8

Home 'Ketters van de Kemmelberg'




donderdag 21 december 2017

Recensie op website Mustreadsornot.

Twee Nederlandse boekenwurmen, Caroline en Moon, genieten ontzettend van lezen en delen graag hun mening over  de boeken die ze lezen. Ze hopen veel mensen enthousiast te maken voor de boeken die ze (graag) hebben gelezen.
Ze houden hun recensies bij op hun blog Mustreadsornot.

Caroline las 'Ketters van de Kemmelberg' en schreef er deze recensie over.

Een dubbel gevoel bij de cover. Mooi lettertype, maar het plaatje, nee ik zou het niet gauw oppakken, maar toch na het lezen begrijp ik het plaatje 😉

Het verhaal begint met een rijtje jaartallen en datums. De jaartallen en datums zijn de hoofdstukken die weer onderverdeeld zijn in kleinere hoofdstukken door middel van cijfers.
Korte hoofdstukken, die fijn lezen en je iedere keer aansporen om nog een hoofdstuk te lezen.

Een heftige tijd was het. De Calvinisten rukken op en proberen de Roomsen te verslaan. Wat eerst nog een redelijk onschuldige opstand was, liep al gauw uit in een bloedige oorlog.
De terechtstellingen op het plein deden bij mij de rillingen over mijn lijf lopen. Wat waren de mensen in die tijd barbaars. Het levend radbraken, levend verbrand worden en het afsnijden van oren, te gek voor woorden. Alles heeft Koen uit historische kronieken gehaald, dus het is niet verzonnen.

“….Ze noemden ons geuzen. Bedelaars! Jullie moeten van dat scheldwoord een eretitel maken.
Jullie zijn jong en sterk.
En de beeldenstormers zijn vastberaden kerels.
Jullie moeten ons verlossen van het katholieke juk.
Geef de paapsen er maar eens goed van langs.
Vive le geus!”

Het leven van Walram, zijn moeder en zusje is hard. Ze moeten hard werken voor een beetje eten en hebben altijd honger. Toch hebben ze ook lol. Tijdens het pinksterbloemfeest gaan Walram en zijn zusje aan de boemel, zo vergeten ze hun zorgen.
Wat me wel opviel, is dat Walram wordt meegelokt in het geweld. Eigenlijk is hij wel een meeloper. Wil hij eerst nog gewoon samen met de beeldenstormers de kerken zuiveren, maar wanneer de godsdiensttwisten heviger en bloediger worden kan hij eigenlijk niet meer terug.

Walram gelooft in de nieuwe leer van de hervormers, maar het hardvochtige optreden van de beeldenstormers bezorgt hem slapeloze nachten.
Zijn leven is nergens meer veilig.
Hoe redt Walram het vege lijf en meteen dat van zijn moeder en zusje?

Een heerlijk boek om te lezen met meteen een geschiedenisles erin.

Ik denk een mustread voor het voortgezet onderwijs, maar ook zeer zeker voor de volwassenen die van geschiedenis houden.



woensdag 20 december 2017

Recensie van Sarah Verhasselt op 'Cutting Edge'

Recensiewebsite 'Cutting Edge' gaat voortdurend messcherp door cultuur en media. Ook 'Ketters van de Kemmelberg' werd gefileerd. Recensente Sarah Verhasselt las het boek goed en graag.

Historisch actueel

Koen D'haene heeft al heel wat boeken op zijn palmares staan. Historische, maatschappijkritische en spannende jeugdboeken zoals 'De hel in New York' en ook 'IJs', een misdaadroman voor volwassenen. In 'Ketters van de Kemmelberg', een historische jeugdroman, verenigt D'haene zijn verteltalenten.

Het is 1566. Bij iedereen die goed heeft opgelet tijdens de geschiedenislessen op school doet die datum een belletje rinkelen. De Beeldenstorm brak uit in Steenvoorde, het katholieke geloof schudde op zijn grondvesten. De protestanten keerden zich tegen de luxe, schijnheiligheid en aflatenhandel van de katholieke kerk. Ze wilden terug naar het ware geloof. In de Lage Landen begon alles in Frans-Vlaanderen en de Westhoek. De hervormers predikten hun nieuwe geloofsleer in bossen, en lokten zo veel sympathisanten. Zo ook Walram, een jongen die het niet al te breed heeft. Hij raakt bevlogen door het nieuwe geloof en hoopt tegelijk dat hij zich zal kunnen ontworstelen aan het sociale onrecht waarin zijn familie zich bevindt.

Samen met enkele vrienden neemt hij deel aan de Beeldenstorm, zijn overleden vader - terechtgesteld wegens ketterij - indachtig. De smeekbeden van zijn katholieke moeder en zijn jongere zus Herlinde om zich afzijdig te houden van het gewoel, probeert hij te negeren. Hij durft zijn nek uit te steken voor waar hij in gelooft. Maar tijdens het vernielen van kerken en kapelletjes worden ook onschuldige mensen vernederd of vermoord. Is de nieuwe religie wel echt beter dan de vorige? Is het geweld van de nieuwe godsdienst al niet even verfoeilijk als de corruptie van de oude geloofsbeleving? Die vraag staat centraal in dit verhaal.

Het is een terechte en interessante vraag, die zowel de personages als de lezer aan het denken zet. Bij aanvang van het boek verwacht je gewoon een spannend historisch verhaal, maar gaandeweg ontwikkelt er zich ook een tweede laag. Enerzijds voel je begrip voor de beeldenstormers, anderzijds kan je niet anders dan constateren dat godsdienstoorlogen allesverwoestend en zinloos zijn. Mensen worden bang gemaakt door groepjes fanatiekelingen en durven amper nog buiten te komen. En plots besef je dat dit anno 2018 nog steeds zo is. Aanslagen hebben een andere vorm aangenomen, maar de basis blijft helaas hetzelfde.

Het straffe is dat D'haene deze boodschap in zijn jeugdboek helemaal niet expliciteert, maar suggereert. Door de ogen van Walram komt alles ook heel realistisch over. Tegelijkertijd blijft het verhaalritme hoog en hanteert D'haene een soepele stijl. Toch zouden we dit jeugdboek vooral aan iets oudere jongeren aanraden, die al een beetje achtergrondkennis hebben over de tijdsperiode en ook in staat zijn om parallellen met het heden te trekken. Voor hen zal dit boek zowel uitdagend als interessant zijn.

Jeugdboek 15+

Sarah Verhasselt
© Cutting Edge - 6 januari 2018

Lees ook: Feit en fictie in 'Ketters van de Kemmelberg'

Website Cutting Edge


dinsdag 19 december 2017

Recensie van Jooris van Hulle voor 'MappaLibri'

'MappaLibri' is een gezaghebbende recensiewebsite die nieuwe publicaties kritisch onder de loep neemt.
Recensent Jooris van Hulle las 'Ketters van de Kemmelberg' en schreef onderstaande bespreking.


Koen D’haene:  Ketters van de Kemmelberg
door Jooris van Hulle 

Voor zijn historische adolescentenroman Ketters van de Kemmelberg keert Koen D’haene terug naar de door godsdiensttwisten verscheurde zestiende eeuw, toen hier in Vlaanderen de Beeldenstorm op gang kwam als religieus-sociaal ingekleurde verzetsbeweging tegen de misbruiken in de katholieke kerk en de manier waarop die de sociale onrechtvaardigheid mee in de hand werkte.
In een mooi uitgebalanceerd geheel gebruikt D’haene historisch gekende feiten en gegevens als decor voor zijn fictief verhaal over Walram, een jongen die gedwongen door de omstandigheden keuzes moet maken die zijn leven overhoop zullen halen. De roman opent met een korte scène die een vooruitwijzende functie krijgt: samen met zijn zus Herlinde schrikt Walram op van een rat die in haar vlucht in een kapelletje een Mariabeeld omstoot. Niets laat op dat moment voorzien dat in de jaren die hierop volgen, een niets en niemand ontziende storm van vernieling over onze contreien zal razen.  Walram raakt in de ban van de predikers van het nieuwe geloof. Dat zijn vader enkele jaren daarvoor al werd opgepakt en terechtgesteld omwille van zijn sympathieën voor de nieuwlichters, maakt Walrams beslissing mee op te trekken met de beeldenstormers in de ogen van de lezer tot een psychologisch aanvaardbare keuze. In snel tempo, met tijdssprongen die in de eerste plaats de jaren 1566 tot 1568 omvatten, met in het slothoofdstuk een overstap naar 1584 – vijftien jaar later dus – tekent D’haene de gruweldaden die de streek van het Westkwartier – in grote lijnen de huidige Westhoek – in een wurgende angstgreep houden. Een van de hoogtepunten in de roman is de beschrijving van de terechtstelling van drie priesters uit Reningelst op 12 januari 1568, een moordpartij die nu nog wordt gememoreerd in de graftombe die werd neergezet op de plaats waar hun lijken werden teruggevonden. Het zijn deze en andere wandaden, die aan beide kanten van de strijdende partijen worden gepleegd  (hier fungeert de executie van geuzenleider Camerlynck als tegenbeeld van de moordpartij op de drie geestelijken), die  Walram aan het twijfelen brengen: hij wil de nieuwe geloofsopvattingen volgen, maar keert zich af van het geweld en de agressie waarvan hij getuige is. Koen D’haene brengt de onzekerheid en de besluiteloosheid van zijn hoofdfiguur treffend in beeld: een zoekende jongen die in de slotzin van de roman veelzeggend moet bekennen: ‘Ik weet het niet, jongen. Ik weet het echt niet…’ 
Los van de historische context kan ‘Ketters van de Kemmelberg’ worden gelezen als een parabel over de vernietigende impact waartoe godsdienstfanatisme kan leiden. Als Jan Camerlynck het heeft over de ‘Geuzenstaat’ die in oprichting is in Engeland met als doel voor ogen de definitieve overwinning, is de vergelijking met het Isis-kalifaat niet veraf. Hoe jonge mensen – hier in de roman vooral dan de figuur van Gilles, de vriend van Walram – zich laten meesleuren door de retoriek van predikers, doet denken aan het proces van radicalisering waarin een aantal van hen terechtkomt. Koen D’haene betoogt niet, maar suggereert. Het is aan de lezer die betekenislijnen te lezen en te interpreteren. Dat de auteur af en toe van op de zijlijn meespeelt door gekende figuren-van-nu ten tonele te voeren, is meegenomen, maar niet steeds even geslaagd.  Dat een van de geuzen in het dorpje Watou verzen gaat debiteren en dan bovendien nog Mandelinck heet… Het hoefde helemaal niet in een roman die zijn overtuigingskracht ontleent aan de accurate manier waarop D’haene omgaat met het verleden.


Koen D’haene, Ketters van de Kemmelberg, uitg. Scriptomanen, S.l., 2017, 246 p.
isbn 978 94 6266 269 8

Lees ook: Feit en fictie in 'Ketters van de Kemmelberg'


zaterdag 16 december 2017

Kroniek van een aangekondigd boek

Hoe lang schrijf je aan een boek?
Deze vraag moet ik heel vaak beantwoorden en het antwoord is bij elk boek weer erg verschillend. In het geval van Ketters van de Kemmelberg is het een erg genuanceerd en dus nogal moeilijk antwoord.
Het prille idee voor deze historische roman kreeg ik omstreeks 2007 - tien jaar geleden dus. Maar de eerste versie belandde in mijn schuif, bleef daar een hele tijd zitten, kwam weer eens naar boven, werd nog wat bijgeschaafd en weer eens aangevuld en geredigeerd. Nieuwe lectuur en andere verhalen leverden bijkomende ideeën voor het script. Ik bleef schaven, schrappen en schrobben en uiteindelijk is het boek er in december 2017.
Die lange wordingsgeschiedenis kon omdat het een historische roman is: die verouderen niet zo snel. Meer zelfs: het verhaal won aan actualiteit omdat er ineens raakvlakken waren met de hedendaagse godsdienstoorlog en jonge beeldenstormers van de 16de eeuw veel gemeen hebben met de Syriëstrijders van nu.

Eén van de historische nevenpersonages in de roman is Petrus Plancius. Over deze beroemde Dranouternaar schreef ik in 2008 het biografisch essay Een slimme jongen die goed kan vertellen in de reeks cahiers van de Vereniging van West-Vlaamse schrijvers.
In het voorwoord van het boekje verwees ik al naar mijn manuscript van een historische jeugdroman. Het werd dus toch geen loze belofte!

"In het manuscript van wat een historische jeugdroman over de 16e- eeuwse godsdiensttroebelen in het Westkwartier kan worden, laat ik Herlinde, het zusje van het hoofdpersonage Walram Baeldes uit Nieuwkerke, verliefd worden op Pieter Platevoet. Ze heeft hem op de markt van Ieper ontmoet. Pieter is heel lief, maar ook heel slim, ‘want hij studeert aan de Latijnse school van Hondschote’, vertelt ze aan haar broer als ze op 2 juni 1566 vanaf de top van de Kemmelberg het Vlaamse heuvelland overschouwen. Van Pieter weet ze dat de Casselberg hoger is dan de Kemmelberg, de jongen had blijkbaar een grote interesse in geografie. Hij kon ook ontzettend goed vertellen, wat hem later als predikant goed zou uitkomen.

Maar het is niet meer dan een kalverliefde tussen Herlinde en Pieter en hij verdwijnt uit haar leven. Later verdwijnt ook haar broer Walram. Hij heulde met de geuzenbende van Jan Camerlynck en moest op de vlucht naar het Noorden. Pas op 5 mei 1584 waagt hij zich weer in Nieuwkerke en ziet hij zijn zusje terug in het leeggelopen en verwoeste dorp. Ze zit met een Spanjooltje aan de borst, want de Spaanse soldaten hadden de handen vol gehad met het weerbarstige Westkwartier. Walram glundert als hij zijn zus over Platevoet vertelt: ‘Zeg, ken je Pieter Platevoet nog, Herlinde? De jongen die je achter mijn rug ontmoette op de markt in Ieper… Ik sprak vele jaren geleden in Haarlem met een man die hem goed kende. Pieter is in Holland een vooraanstaande man geworden, weet je! Hij studeerde in Engeland en in Duitsland en hij was een tijdje predikant in Menen. Hij werd er door de katholieken op de hielen gezeten en hij kon zijn hachje alleen redden door in de Leie te springen en naar de overkant te zwemmen. Hij vluchtte naar het Noorden. Nu is hij predikant in Amsterdam. Hij noemt zich Petrus Plancius en hij tekent voor de Nederlandse zeevaarders kaarten en plattegronden van alle streken en zeeën over de hele wereld…’ Herlinde luistert met stijgende belangstelling naar haar broer. ‘Waarom bleef ik niet langer op hem verliefd? Dan was ik nu vast rijk en welstellend…’ mijmert ze. En dat zag ze goed, want haar jeugdvriendje was in Holland een bemiddelde edelman geworden. Maar of hij haar lieve jongen zou zijn gebleven, is nog de vraag: de calvinist Petrus Plancius werd gevreesd en gehekeld om zijn strenge houding en stuurse inzichten.

Zo moffelde ik de eenvoudige volksjongen uit Dranouter die een gewaardeerde theoloog en een geprezen cartograaf in Amsterdam werd en nooit meer terugkeerde naar zijn geboortedorp, in de fictieve geuzenroman. Sindsdien bleef de echte Pieter Platevoet me achtervolgen. Ik was geïntrigeerd door zijn belangrijke rol in de Hollandse godsdienstkwesties en gefascineerd door zijn wonderlijke kaarten en globes. Platevoet uit de jeugdroman werd Plancius in dit cahier."